Moeten techbedrijven ingrijpen bij desinformatie oorlog Oekraïne?

Desinformatie wordt een steeds groter probleem. Over de oorlog in Oekraïne wordt via (social) media een hoop desinformatie (of nepnieuws) verspreid. Wat is de verantwoordelijkheid van techbedrijven als Facebook, Twitter en YouTube?

Wat is desinformatie?

De Europese Commissie omschrijft desinformatie als ‘onware, inaccurate of misleidende informatie die intentioneel wordt gecreëerd en verspreid omwille van economisch profijt of om een persoon, sociale groep, organisatie of land te schaden.’

Bepaalde landen, zoals Rusland en China, zijn doelgericht bezig met desinformatiecampagnes in andere landen. Zo bleek bijvoorbeeld al tijdens de coronacrisis (via de EC). Tijdens de oorlog in Oekraïne is dat niet anders.

Desinformatie gaat verder dan staatspropaganda van de Russische staatsmedia, ook gewone burgers verspreiden desinformatie, bijvoorbeeld via complottheorieën en deepfakes. Vaak spelen ook bots een rol: door berichten massaal te delen, krijgen deze berichten (via algoritmes) meer gewicht en worden ze steeds verder verspreid.

Waarom maakt men desinformatie?

Desinformatie ontstaat bewust. Soms om simpelweg geld te verdienen met kliks, maar ook om meningen te beïnvloeden, bijvoorbeeld over de aanpak van de coronacrisis, in de aanloop naar verkiezingen en over de oorlog in Oekraïne. De afzender wil onrust veroorzaken met zijn desinformatie.

Dat de afzender daar in slaagt, blijkt wel uit het feit dat drie op de tien Nederlanders (via I&O Research/De Volkskrant) vaak niet meer te weten welk nieuwsbericht waar is en welk onwaar. En dat is problematisch: als je mening gebaseerd is op leugens, dan kun je geen gefundeerde mening vormen. Ook kan desinformatie onrust veroorzaken, bijvoorbeeld door mensen tegen elkaar op te zetten; er ontstaat polarisatie. Op die manier wordt de publieke opinie beïnvloed.

smartphone social media

De rol van social media bij desinformatie

Inmenging via desinformatie is al zo oud als de weg naar Rome. Ook vroeger probeerden tegenstanders op deze manier invloed uit te oefenen. Door digitale technologie is het inmiddels echter veel gemakkelijker om (op subtielere wijze) invloed uit te oefenen. En dat op een veel groter publiek.

Het wordt steeds gemakkelijker om desinformatie te maken en steeds lastiger om de betrouwbaarheid van berichten te beoordelen. Factchecken kost tijd en het publiek wil niet wachten om nieuws tot zich te nemen en verder te verspreiden.

De rol van techbedrijven bij desinformatie

De grote techbedrijven (achter sociale media en zoekmachines) worstelen al jaren met de aanpak van het verspreiden van desinformatie. Denk maar eens aan de beïnvloeding rondom Brexit en de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016. Ook nu met de oorlog in Oekraïne blijkt dat techbedrijven het maar ingewikkeld vinden om in te grijpen. En dat terwijl de (politieke) druk snel groeit.

‘Neutraal’ blijven is in ieder geval geen optie. Dat kan nou eenmaal niet als er een (des)informatieoorlog wordt uitgevochten op je platform.

Tot dusver wordt er echter vooral gebruik gemaakt van ingrepen die de techbedrijven standaard toepassen. Zo is het voor Russische staatsmedia bijvoorbeeld niet langer mogelijk om te adverteren en wordt bij berichten van de staatsmedia een waarschuwingslabels geplaatst. Ook krijgen berichten van betrouwbare nieuwsbronnen (dankzij aangepaste algoritmes) een prominentere plek, en worden kanalen en berichten met desinformatie zoveel mogelijk verwijderd.

Uiteraard is Rusland niet blij met de huidige maatregelen – laat staan als de techbedrijven nog een stap verder zouden gaan. Zo zijn Facebook en Twitter al gedeeltelijk geblokkeerd voor Russen (via De Volkskrant).

Aan de andere kant is er (vanuit het westen) ook de roep dat de huidige maatregelen niet voldoende zijn. Zo wordt (via NOS) opgeroepen om net zo snel en standvastig op te treden als tijdens de bestorming van het Capitool in de Verenigde Staten. Op dat moment besloten socialmediaplatformen om president Trump van hun platforms te verbannen. Nu zouden Russische staatsmedia geweerd moeten worden.

En wat te denken van individuele gebruikers en bots? Zij spelen misschien nog wel een grote rol in de informatieoorlog, zodat het belangrijk is om streng op te treden.

Meer verantwoordelijkheid

Techbedrijven moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor de verspreiding van desinformatie.

Terwijl we daar op wachten, is er echter ook belangrijk om zelf goed te blijven opletten. Ondanks dat social media vluchtig is, is het zaak toch kritisch te blijven kijken. Wanneer je snel en onbewust oordeelt, trap je sneller in desinformatie. Dat geldt zeker voor berichten die onderstrepen wat je zelf al dacht, de zogenoemde confirmation bias. Ook ben je geneigd eerder in nepnieuws te trappen als veel anderen het gedeeld hebben, zelfs als dat bots zijn geweest.

Meer lezen over deepfakes? Misschien vind je deze artikelen ook interessant:

nl_NLNederlands